Ik heb vandaag hele oude eieren gegeten. Daar kom ik zo nog op terug. Mijn moeder trakteerde op eten omdat René jarig was geweest. Dat was weer een goede kans voor René om eens iets nieuws te proberen, en hij koos een Szechuan (of Sichuan, dat is niet helemaal duidelijk) restaurant in Rotterdam, genaamd Sansan, dat betekent 33, een verwijzing naar hun huisnummer, hoewel de straatnaam, Hang, ook iets Chinees heeft, zoals zus en/of vriend al opmerkten. Szechuan eten wordt gekenmerkt door sterke smaken en dus scherpe kruiden en pepers. Er was al enige zenuwachtigheid aan tafel of het allemaal wel te eten zou zijn met al die hete pepers. Die zenuwachtigheid was blijkbaar door de keuken ook al opgemerkt, en ze waren zo aardig onze gerechten een beetje te temperen. De hele maaltijd verliep dus goed, tot aan het eind mijn moeder alsnog een stuk rode peper in haar mond stak omdat ze dacht dat het paprika was. Je zou denken, die rode pepertjes op de menukaart waren toch een duidelijke hint, maar goed. De carnivoren (iedereen behalve ik) leefden zich uit op kwal, eendetongetjes en lamsbilletjes, maar ik kreeg dus oude eieren te eten. Een korte zoektocht op internet bevestigde mijn vermoeden dat ze ook 1000-jarige of 100-jarige eieren worden genoemd, maar in werkelijkheid zijn de eieren 'slechts' 100 dagen in klei bewaard. Door wat er verder in die klei zit krijgt het ei een gekke structuur. Het eiwit wordt een bruine gelei, en de dooier kleurt grijs/groen met een interessant patroon. De serveerster keek een beetje wijfelend toen ik het bestelde, en ik had wel eens gehoord dat die eieren in paardenurine worden bewaard (dit bleek een mythe, gelukkig). Ik was dus wel een beetje zenuwachtig geworden, maar ze smaakten niet erg anders dan gekookte eieren, hooguit wat taaier. Door de knoflooksaus die er bijzat was het gerecht erg smakelijk. Na afloop van onze maaltijd kwam de manager nog even uitleggen hoe het zat met de pepers, eigenlijk zijn pepers niet goed voor je, maar toch ook weer wel, en je krijgt er electrische stroompjes van of zoiets, een ingewikkeld verhaal. Dat maakte allemaal niet uit, we hebben heerlijk gegeten en de mensen waren heel aardig, en als mijn moeder morgen naar de wc gaat kan ze nog even aan het lesje over pepers terugdenken...
01 juli, 2012
20 oktober, 2009
Ons 100ste restaurant!
Vanwege de verjaardag van onze (schoon)moeder gingen we uit eten, en omdat René allemaal handige lijstjes bijhoudt weten we nu dat dit ons honderdste restaurant in Rotterdam was. We wonen hier sinds 2003, dus reken maar uit. De gelukkige was "Van de Boer". Volgens goede Rotterdamse traditie zit het er nog niet zo lang (aan de Mathenesserweg), en zat er eerst een ander restaurant, waar we ook al een keer waren geweest (Cantina Colore, was best aardig).
Van de boer heeft allemaal lokale produkten. Zo blijkt er bijvoorbeeld in Spijkenisse een wijngaard te zijn waar ze port maken (eerst ook wijn, maar die was toch niet helemaal zonnig genoeg). In verband met het klimaat ben ik helemaal voor lokale produkten. Vooral als het ook lekker is natuurlijk. Nu zou ik zelf Spijkenisse in één adem noemen met Pernis en Botlek, dus hoe dat precies gaat met die druiven is een mysterie, maar ik kan me voorstellen dat ze het bij rode varianten houden zodat al het fijnstof niet zo opvalt.
Nou goed, onderweg hadden we een discussie of het een sjiek restaurant zou zijn. Ik gokte rustiek met ruw hout en geruite kleedjes, René dacht meer aan licht en Zweeds. Het bleek allebei wel te kloppen. Er stonden veel oude groentekistjes en de servetten waren geruit. Naast het restaurant is ook een winkel die er uitziet als een ouderwetse kruidenier. En op de wc hadden ze een heel lief bloemetjesbehangetje, maar het restaurant was verder heel ruim en licht met mooie hoge ramen.
Het eten was lekker Hollands, de kaart was niet echt uitgebreid, maar gelukkig wel wat vegetarische opties. Voor de zekerheid vroeg ik of de bloemkoolsoep vegetarisch was, maar de ober begreep mijn vraag niet helemaal en zei dat er kaas in zat. Dat stond op het menu ja, maar de bouillon dan? Om aan de ongemakkelijke situatie een eind te maken (ik had al een paar keer erg luid mijn vraag herhaald) bestelde ik in godsnaam dan maar de soep, die lekker maar ook vreselijk zout bleek te zijn. Evenals het hoofdgerecht, pompoengratin met blauwe kaas. Het idee van ergens kaas ingooien is dat je dan minder zout nodig hebt, tenminste, dat dacht ik dus altijd. Bij Van de Boer krijg je nog ouderwetse Hollandse smaken, dus lekker veel zout en boter, net als bij grootmoeder. Gelukkig waren ze wel weer hip genoeg voor verse muntthee.
René was in ieder geval heel tevreden: "Het voorgrecht, zoetzure makreel (klinkt raar, maar denk aan zure haring) met gepofte bietjes, was heerlijk evenals het hoofdgerecht, de procureur met radicchio en peer. De jus was een beetje zuur (zoals van te voren was gemeld), maar paste erg goed bij de gepekelde procureur. Kortom, een leuk relaxed restaurant."
Nu vraag je je natuurlijk af, wat is procureur? En heeft het iets met een generaal te maken? Ik weet het niet, op mijn bord lag het niet ....
Van de boer heeft allemaal lokale produkten. Zo blijkt er bijvoorbeeld in Spijkenisse een wijngaard te zijn waar ze port maken (eerst ook wijn, maar die was toch niet helemaal zonnig genoeg). In verband met het klimaat ben ik helemaal voor lokale produkten. Vooral als het ook lekker is natuurlijk. Nu zou ik zelf Spijkenisse in één adem noemen met Pernis en Botlek, dus hoe dat precies gaat met die druiven is een mysterie, maar ik kan me voorstellen dat ze het bij rode varianten houden zodat al het fijnstof niet zo opvalt.
Nou goed, onderweg hadden we een discussie of het een sjiek restaurant zou zijn. Ik gokte rustiek met ruw hout en geruite kleedjes, René dacht meer aan licht en Zweeds. Het bleek allebei wel te kloppen. Er stonden veel oude groentekistjes en de servetten waren geruit. Naast het restaurant is ook een winkel die er uitziet als een ouderwetse kruidenier. En op de wc hadden ze een heel lief bloemetjesbehangetje, maar het restaurant was verder heel ruim en licht met mooie hoge ramen.
Het eten was lekker Hollands, de kaart was niet echt uitgebreid, maar gelukkig wel wat vegetarische opties. Voor de zekerheid vroeg ik of de bloemkoolsoep vegetarisch was, maar de ober begreep mijn vraag niet helemaal en zei dat er kaas in zat. Dat stond op het menu ja, maar de bouillon dan? Om aan de ongemakkelijke situatie een eind te maken (ik had al een paar keer erg luid mijn vraag herhaald) bestelde ik in godsnaam dan maar de soep, die lekker maar ook vreselijk zout bleek te zijn. Evenals het hoofdgerecht, pompoengratin met blauwe kaas. Het idee van ergens kaas ingooien is dat je dan minder zout nodig hebt, tenminste, dat dacht ik dus altijd. Bij Van de Boer krijg je nog ouderwetse Hollandse smaken, dus lekker veel zout en boter, net als bij grootmoeder. Gelukkig waren ze wel weer hip genoeg voor verse muntthee.
René was in ieder geval heel tevreden: "Het voorgrecht, zoetzure makreel (klinkt raar, maar denk aan zure haring) met gepofte bietjes, was heerlijk evenals het hoofdgerecht, de procureur met radicchio en peer. De jus was een beetje zuur (zoals van te voren was gemeld), maar paste erg goed bij de gepekelde procureur. Kortom, een leuk relaxed restaurant."
Nu vraag je je natuurlijk af, wat is procureur? En heeft het iets met een generaal te maken? Ik weet het niet, op mijn bord lag het niet ....
Abonneren op:
Posts (Atom)
